12 april 2023

Pas maar uw bookmarks aan

Ik ben Verhuisd.

Het heeft veel getwijfel gekost, maar ik zal vanaf nu mijn geboortenaam gebruiken om te schrijven.  Rita de Pita is dood, lang leve Rita de Pita.

https://tanjabilliard.blogspot.com/2023/04/iemand-anders-terug-mijzelf.html


08 april 2023

Fok

 Rats vergeten....

We zullen het maar als een positief teken opvatten zeker?

05 april 2023

Ik weet dat ik me had voorgenomen om elke woensdag en elke zaterdag een halfuur te schrijven, maar ik voel vandaag terug een sterke weerstand en de neiging om elke zin die ik typ te wissen. Mijn innerlijke criticus is enorm van jetje aan het geven en het valt me moeilijk om iets in te brengen tegen de harde woorden die in mijn hoofd vallen. Dat ik er mee moet stoppen. Dat ik niet interessant ben. Dat zelfs uit sympathie niemand op mij zit te wachten want dat ik een hatelijk kutwijf ben. Dat iedereen mij haat. Het is enorm moeilijk nu om me te houden aan mijn voornemen om mezelf nu niet te editen. Het is een braindump, het maakt niet uit. Het is een maar een braindump. Let niet op zinsconstructies of logische volgordes. Braindump. Niet wissen. Niet wissen. Gewoon doorgaan tot de wekker gaat. Blijven typen, al is het maar om je innerlijke criticus te tonen wie er de baas is. Ik ben niet interessant? Ik heb niets te vertellen? Ik geef geen fok. 

Gewoon starten en zien wat er gaat komen. Gewoon springen en dan pas denken. De problemen pas oplossen als ze zich voordoen. Jezelf niet censureren. Niet panikeren. Panikeer nu toch eens niet. Stop met panikeren. Ik heb al zo vaak te horen gekregen dat ik te snel panikeer. Alsof ik daar controle over zou hebben. Soms vond ik de opmerking niet eens terecht. Als ik simpelweg in gezelschap opmerk dat onze laatste trein naar huis binnen tien minuten zal vertrekken en onze wandeling naar het station acht minuten duurt, is dat panikeren? 

Ik ben niet goed in geen fok geven. Ik ben een stresskip. Ik ben voorzien op elk doemscenario. Soms is dat voorzien zinvol. Meestal is dat voorzien niet zinvol.  Ik doe zelden portefeuilles kwijt en ben vrijwel nooit te laat. Men wil soms ook weleens jaloers zijn op hoe georganiseerd ik kan zijn. Alsof dat een aangeboren gave is. Iets waar ik goed in ben. Ik durf niet te beginnen zeggen hoe veel denkwerk het me kost. Hoe uitputtend het is, maar hoe ik het niet kan laten. Liever uitgeput dan ergens niet mee in orde. Liever streng voor mezelf dan het risico lopen iemand anders boos.

Als ik ergens naartoe moet, reken ik vijftig procent extra reistijd dan Google Maps adviseert.  Tenzij er effectief iets misloopt, ben ik meestal minstens een halfuur vooraf aan mijn afspraak om dan nog minstens achtentwintig minuten lang blokje rond te lopen, voortdurend angstvallig de tijd in het oog houdend. Mijn Fitbit is blij als ik ergens naartoe moet. Als ik de trein moet nemen, check ik nonstop of ik wel een ticket gekocht heb, voor het geval ik toch verstrooid geweest zou zijn. Ik ben nog nooit vergeten een ticket te kopen.  Maar het is zeker geen aangeboren gave. Het is een traumarespons. Niet echt iets om jaloers op te zijn. Hyperalertheid put je zodanig uit dat je op den duur effectief niet eens meer oplettend kan zijn. Tot je voor je uit zit te kwijlen in een verwarde waas waar alleen een afgrijselijk luide innerlijke criticus door heen kan knallen.

Maar ik blijf mijn uiterste best doen om te blijven typen. Iets van tegengas te geven. En hoe enorm de cringe ook weegt, om mezelf nu niet editen. 

Zie, was dat nu zo moeilijk?

01 april 2023

Hopelijk doet het toetsenbord vandaag niet zo lastig als afgelopen woensdag.

Toen ik vorige week voor het eerst sinds 2017 terug iets op dit blog postte, was dat zeker niet het beste dat ik ooit al geschreven had, maar het was wel de blogpost waar ik het meest fier op was. Omdat ik voor het eerst in alle naaktheid over mijn schroom heen kwam om voor mijn dromen uit te komen. Geen bravoure, geen pose, geen Pain In The Ass. Gewoon eerlijk durven zijn. Durven toegeven dat ik wil schrijven. Dat het geen optie is, maar dat het moet. En dat ik daarover onzeker ben. Onzekerheid is ook iets dat ik ook nooit eerder durven toegeven. Toen ik afgelopen najaar een psychodiagnostisch onderzoek liet uitvoeren, hoopte ik op iets “echter” dan een laag zelfbeeld. Een heuse diagnose, een officiële reden om te zijn wie ik ben. Een excuus om me te voelen en me te gedragen zoals ik deed.  Er kwam niets officieels uit. Ik had nu ook op papier een extreem laag zelfbeeld en dat stelde me teleur, want was dat nu hetgeen dat voor zoveel leed zorgde? Kon mijn eigen pijn en de pijn die ik anderen bezorgde met mijn afstand-creërende gedrag vol passief - én actief agressieve opmerkingen te wijten zijn aan alleen maar een laag zelfbeeld?  Het was niet spectaculair genoeg. Het leek niet te passen bij de grootte van mijn pijn. Een laag zelfbeeld was iets banaals, iets waarover je in de Flair leest of zo. 

Ik weet inmiddels dat het gebrek aan een officieel excuus om me slecht te voelen, niets afdoet aan hoe slecht ik me soms kan voelen.Ik leer daar milder in te zijn en mezelf niet te verwijten dat ik last heb van waar ik last van heb.  Het aanhoudende schuldgevoel, het opgejaagde, het veel te snel geïrriteerd geraken. Mezelf voortdurend een last voelen zijn en de alles lamleggende angst. Ik ben bang om te falen en ik ben bang om te slagen. Ik schiet mezelf in de voet en ik hou mensen op afstand omdat ik bang ben voor verlies. Toegeven dat je droomt en dus ook nachtmerries hebt, is angstaanjagend kwetsbaar. Ik ben angstaanjagend kwetsbaar.  Ik droom van iets dat moeilijk is.  Ik wil niet langer mensen op afstand houden, want ook vanop afstand doet elk verlies onmetelijk veel pijn, dus waar zit het voordeel? 

Ik wil ten volle het risico lopen om mensen te verliezen.  

29 maart 2023

Obladi Oblada U dikke Ma

Dat ik maar eens moest ophouden met me te verschuilen achter een stoer imago. Dat er dan plaats zou komen voor de grote schoonheid die diep in mij verscholen zat.
Ik concludeerde dat het een oppervlakkige opmerking was geweest en ook volkomen onterecht. Dat de persoon die de opmerking gaf, zich liet verblinden door mijn zwarte kleren. Ik was niet stoer; ik was ontroostbaar.
Het was niet de eerste keer dat mijn verdriet zich liet lezen als stoer. Ik begreep dat niet. Ik begreep niet waarom mensen zich lieten kwetsen door mijn woorden. Het waren toch maar woorden. Mijn waardeloze woorden. Mijn laffe uitlaatklep voor de voortdurende ergernis die ik niet wilde voelen, die ik niet mocht voelen. Waarom kwam mijn verdriet er niet uit op een idyllische wijze, op z'n minst sociaal aanvaardbaar? 
Iets met bloemen en wolken en tranen en zo.
Veel tranen die maar niet vloeiden. Er was alleen maar ergernis en woorden. Woorden over hoeren en losers. Vuilnis en kapotte batterijen. Ik heb ooit iemand vergeleken met een kapotte batterij. Ik heb mensen kut genoemd, hermetisch en kut en lelijk en dom en neukbaar materiaal.  Omdat dat op dat moment logisch leek. Woorden die de ene deed lachen en de ander deed steigeren. Maar aan het eind van de dag waardeloos. Zinloos. Niet bijgedragen, het waren maar woorden. Van mij. Waardeloos.
Het is grappig hoe een laag zelfbeeld zichzelf in stand houdt. Ik haat mijzelf dus iedereen moet mij ook haten want zo is het logisch. En als ze mij niet haten, is er iets niet in de haak. Dus herstel ik eigenhandig de orde der dingen. Ik maak het lelijk en waardeloos. En omdat ik het lelijk en waardeloos maak, haat ik mezelf. En dus moet iedereen mij ook haten om het cirkeltje logisch te maken.  
Ik deed het niet eens expres. Ik had het niet door. Mijn verdriet was niet idyllisch met bloemen en wolken en tranen en zo. Maar het was verdriet. Het is vermoeiend leven in voortdurende ergernis want je wilt het niet voelen. Je voelt teveel om beleefd te kunnen blijven. Er is lawaai, er doet iets pijn. Het stinkt hier en de deurklink plakt. Alles is overal. Het is teveel. Ik voel teveel om vriendelijk te kunnen blijven. Het is een waardeloos excuus om onbeschoft te zijn. 
Niemand verdient andermans ontroostbaarheid en al helemaal niet de mijne. 
De plaat een keer afspelen is zelden voldoende.

25 maart 2023

Wachten op het verlossende gepiep van de wasmachine

 25 maart 2023

Het is dus de bedoeling dat ik terug ga schrijven. Het is me aangeraden dit opnieuw op te pakken om terug in contact te komen met mijn authentieke zelf. Dat is iets therapeutisch. Ik heb me voorgenomen om via ongecensureerde braindumps* terug het schrijven in de vingers te krijgen.

Ik denk dat het altijd wel mijn bedoeling is geweest om te schrijven.

Ik kan me goed herinneren dat ik als kind al schrijver wilde worden. Van zodra ik meer kon lezen dan Jan Pet Pop Vis, en er een wereld van woorden voor me open ging waarin ik veiligheid en troost kon vinden, wilde ik zelf aan die wereld meebouwen.

Op dit moment draait de wasmachine aan haar laatste spin-cyclus, ik heb net op de display gezien dat ik nog een kleine twintig minuten heb vooraleer een scherpe piep het einde van de was aankondigt. Ik heb nog iets minder dan twintig minuten om mijn eerste braindump te vervolledigen en ik schrijf over schrijven. Ik hou niet van schrijven over schrijven. Toen ik in 2011 mijn studie stopte, was ik ervan overtuigd dat ik helemaal niets te vertellen had. Ik kon de mooie wereld van verhalen en moeilijke woorden niet uitbreiden. Ik had niets meegemaakt, vond ik. Ik kende de echte wereld niet, dus ik kon ook niets vertellen in de fictieve wereld. Ik had niets meegemaakt.


Ik ben toen beginnen werken in de normale wereld. Een normale job met een normale dagindeling. Een bescheiden loon, maar voor een starter normaal. Normaal doen, dat heb ik toen geambieerd. Ergens in vredesnaam toe behoren. Iets bijdragen. Ergens in vredesnaam goed in worden. Iets bijdragen aan de normale wereld dan maar. Ik heb in een winkel gewerkt, maar bijdragen aan de consumptiemaatschappij gaf me niet het gevoel dat ik bijdroeg aan een betere normale wereld. Ik heb in accountancy gewerkt in een slappe poging een of andere powervrouw te worden. Ik zou een titel bij het IAB behalen en een carrière hebben. Normaal. Niet bijdragen aan een betere wereld, maar wel beter betaald worden. Normale ambities.

Ik ben niet goed in normaal en ik heb geleerd dat ik ook niet ambitieus ben en dat je dat op een sollicitatiegesprek maar beter verzwijgt. Geen ambitie wordt geïnterpreteerd als lui.

Ik heb mezelf terug een beetje herontdekt toen ik in de culturele sector de boekhouding deed. Naast een accountant ben ik slordig. Naast een kunstenaar een pietje precies. Ik ben altijd maar het contrast met wie ik naast mij heb staan. Ik ben altijd net niet. Wat ik aan mezelf herontdekte, maakte mij bang, dus liep ik daar ook weg. Dan maar een alternatief boekhoudkantoor, de dierentuin en in een vlaag van zinsverbijstering bij Stad Antwerpen gaan werken. En dan de Roma. Ik ben geen boekhouder en ik ben niet vlot in de omgang. Ik blijf maar jobhoppen in een wanhopige poging een thuis buiten thuis te vinden.

Ik hoor nog steeds het zwaaien van de wasmachine en betrap mezelf er op dat ik aan het wachten tot de piep me verlost van deze awkward aanvoelende maar zelfopgelegde schrijfoefening. Ik voel dat ik de oefening mis. Ik denk dat ik niets te vertellen heb.

Ik heb nog tien minuten om te braindumpen. Wanneer ik mezelf lui vind, begin ik te poetsen, dus mijn huis is meestal redelijk schoon. Ik vind mezelf vaak lui, maar eigenlijk ben ik bang. Ik ben niet lui wanneer ik schoonmaak. Ik ben niet lui wanneer ik help. Ik ben niet lui wanneer ik jaarverslagen en ratio-analyses maak.  Maar wanneer ik wil schrijven en lezen, dansen en pianospelen ben ik lui. Alleen de dromen die ik als kind had lijken mij als volwassene nu lui te maken. Ik ben niet lui, ik ben bang.  En ik ga de was ophangen. 


* In een braindump ga je in een voorafbesloten tijdspanne voor je uit zitten schrijven/ typen (ik heb snel kramp in mijn vingers) Ik heb mezelf de tijd gegeven tot de wasmachine gedaan heeft.

10 november 2017

#metoo

Flauw' Trees

Dat was het eerste dat in mij opkwam.
Ik kon niets anders bedenken dat dat.
Flauw' Trees, daarvoor val je de politie toch niet lastig?

Een zekere Foxy Lady had net op Facebook haar relaas gedaan over dat er op weg van haar werk naar huis een flasher voor haar was gesprongen en haar was blijven volgen terwijl ie schunnige dingen naar haar zitten roepen. Afijn, ik ken er de details niet van, maar hij had zich zo'n beetje staan afrukken en ze was er niet goed van. Ze had de flikken gebeld en liet via Facebook weten dat ze erg tevreden was met hun snelle interventie. 
En ik noemde haar een Flauw' Trees. Niet in haar gezicht, maar in mijn huis, want dat doe ik als shit me ergert.
Dan begin ik te ranten in mijn huis. 
Dat ze voor zo'n bagatel de flikken had gebeld, dat potloodventers amper een bedreiging te noemen zijn en dat een sterke onafhankelijke vrouw zoiets toch wel alleen kan afhandelen. Relativeren, die handel, er zijn ergere dingen in de wereld. Flauw' Trees.

Ik kan soms behoorlijk wat debiliteiten fulmineren en ik ben altijd content als iemand er in slaagt mij te doen begrijpen waar ik fout zit.
Achteraf dan, want leren is moeilijk en groeien doet zeer. 
Wat deze specifieke tirade verraadde is dat ik die shit normaal vind.
Of vond, ik ben er nog niet uit.
Ik wil verontwaardigd zijn, maar ik ben niet eens verbaasd. 
Wie zich in een publieke ruimte bevindt, loopt risico's.  Iemand die zich afrukt in het park,  is alvast niemand aan het verkrachten, dus wat is het probleem? Er zijn ergere dingen in de wereld. 
Hoe achterlijk ik deze redenering ook vind, ik maak ze zelf keer op keer. 

Ik kan zelf wel wat voorbeelden geven van shit die ik heb voorgehad waarvoor ik de flikken nooit gebeld heb. Waarvoor ik zelfs nooit hulp heb gevraagd omdat ik geen "damsel in distress" wou zijn. Ik handel die shit alleen af, probeer mijn voorzorgen te nemen en als er toch iets gebeurt, probeer ik het dan maar te relativeren want er zijn nu eenmaal ergere dingen in de wereld.  En ondertussen maar blijven dankbaar zijn dat ik doorgaans alleen maar shit voorheb die ik alleen aankan. 

Doorgaans. Een keer heb ik iemand moeten bellen, omdat ik het niet alleen aankon. Ik heb toen geen hulp aanvaard maar gewoon wat beginnen vertellen. Ik moest gewoon even kunnen wenen. Achteraf was ik daar beschaamd over.  Dat ik die persoon had lastig gevallen met mijn gezaag, want het was immers zo erg toch niet geweest. Ik was toch niet verkracht dus waarom kon ik dat niet gewoon relativeren?  Ik had voordien toch wel al ergere dingen meegemaakt, dus waarom kon ik daar nu ineens niet meer mee om? Waarom moest ik iemands vrijdagavond verknallen met mijn gejank over een bagatel? 

Ik denk niet dat ik de enige vrouw ben die er dit soort ideeën op nahoudt en ik weet zeker dat ik niet de enige vrouw bent die dit soort shit normaal is beginnen vinden. De meeste dingen lijken zelfs de moeite niet om te rapporteren. Een beetje cat- of fatcalling, een hoop kerels die wat porno-geluiden maken, een winkelbediende die een vriendschappelijk gesprek forceert terwijl hij de deur van zijn winkel blokkeert, een voorbijganger die aan je kleren trekt en per se wil weten waarom je je telefoonnummer niet aan hem wil geven, wat ambigue aanrakingen hier en daar... whatever. 
Het gebeurt soms dat op een dronken avond of in een #metoo-moment de verhalen ineens naar boven komen. Soms escaleert dat tot een miserie-competitite, een wedstrijdje om ter ergste anekdote. Herkenningshumor. Me too, me too. Er worden wat praktische tips omtrent sleutelbossen en alarmfluitjes uitgewisseld. Wat trieste reflectie en de avond gaat verder. Yeah, me too. Relativeren die handel. 

Is het gewenning of wil ik zo hard geen damsel in distress zijn dat ik fout gedrag wettelijk strafbare feiten kapot relativeer? Mijn referentiekader is zodanig vervuild dat ik soms het verschil niet meer zie tussen feminisme en geïnternaliseerde misogynie. 
Met mijn verlangen naar gender-gelijkheid heb ik altijd de sterke onafhankelijke vrouw uitgehangen die geen voorkeursbehandeling nodig had. Ik kan ook zware dozen heffen en ik kan mijn eigen eten betalen. Ik sta mijn mannetje, ik ben gewoon one of the guys. Iedereen gelijk. 

Maar als je op onverwachte momenten erop wordt gewezen dat je kwetsbaar bent en een makkelijk en gewenst doelwit precies omdat je een vrouw bent en dat je voorzorgen moet nemen voor je je in een publieke ruimte begeeft en dat je precies nogal veel moet relativeren om gelijk te zijn, dan is dat geen gelijkheid.  Dat is klote. Dus laten we daar vooral veel over zeuren tot we het met z'n allen niet meer normaal vinden. 

Ik hoop dat er altijd mensen in mijn leven blijven zijn die mij doen begrijpen waar ik fout zit, want dat ik die shit normaal vind, is niet normaal.

Nog veel Won Ton uit de Sun Wa

14 november 2016

In pakweg 1850

Ik voel dat ik hier teveel aandacht aan besteed
edoch, lieve Bastaardkinderen, het zit mij scheef, dwars en diagonaal tegelijk.

Sinterklaas is in het land en bijgevolg herleeft de pietendiscussie. Op zich ervaar ik het al als beschamend genoeg dat we dit gesprek nog steeds aan het voeren zijn, maar dat zelfs mijn doorgaans aangename medemens nog steevast in december met de culturele riek en de fakkel selectief voorvechter van vlaamsche tradities wordt, dat gaat mijn sudoku te boven.

Ik ben me er pijnlijk bewust van dat er misschien belangrijkere katten te geselen zijn in de wereld. Dat er een heleboel slaven ingeschakeld worden voor mijn comfort is helemaal waar en vind ik afschuwelijk, maar dat is een heel ander hoofdstuk
en trouwens, lieve hypocriete inhoudsopportunist ik heb u vorige dinsdag nog met twee volle zakken zien buiten komen uit de Primark

Het gaat mij niet om politiek correct zijn, fok dat; ik ben de eerste in de rij om de advocaat van de duivel te spelen en ook een klein stukje provocatie is mij niet vreemd ( op papier dan toch, want ik ben een trotse introvert en verbaal niet sterk)
Ik heb geregeld mijn mijn racistische momenten en daaraan werken blijft work in progress, een softe liefhebbende multiculti zal ik zeker nooit zijn want ondanks dat ik een linkse hipster ben die in Borgerhout woont heb ik zeker niks met Tunesië of Thailand, lust ik geen maniok en hààt ik Arabische muziek, wat in mijn oren nog altijd maar een hoop melodramatisch gebleir is, middeleeuwse RnB quoi.

Ik vind het wel bizar dat je nog steeds moet aantonen dat het hedendaagse doch mateloos verouderde zwartepietenbeeld een kolonialistische karikatuur is, waarvoor je je als mens zou moeten schamen dat je het in stand wil houden.
Maar wat mij het meeste stoort aan het hele behoudsgezinde pitchforkgedrag, is de verstarde boerenpummelhouding.

Wij zijn mensen, wij zijn een samenleving, wij zijn toch enigszins verstandig en flexibel? Ik apprecieer ook wel een traditie hier en daar, maar een traditie is niet iets dat vastligt. Het is iets dat leeft en door en voor mensen in leven wordt gehouden
Het woord 'traditioneel' als star fenomeen is enorm vergelijkbaar met 'natuurlijk' in een pseudodiscussie.
Het roept bij velen iets positiefs en bijgevolg correct op, maar het bewijst eigenlijk niks. Het is gewoon geen argument. punt.

Tradities leven en veranderen.

Laat ons fair zijn, lieve Facebookkinderen; als we destijds een traditie niet hadden willen aanpassen, dan dronken we nu een bier waarin door een maagdelijke novice gespuwd is geweest om de gisting op gang te brengen
dan was die meesterlijk-ambachtelijke hesp vast en zeker van een onverdoofd geslacht dier afkomstig,
dan werd er niét ge-trick-or-treat met Halloween en dan vierden we met kerst de verjaardag van Jezus, of beter nog; de zonnewende, of wat dan ook, maar er kwam dan zeker geen verre neef van Sinterklaas op bezoek met zijn rendieren.

En dan hadden we nu ook helemaal géén Zwarte Piet gehad, want Sinterklaas kwam vroeger helemaal alleen. In Vlaanderen alleszins
In Duitsland bracht ie saters mee, of zo
In Noord-Nederland was het zelf een soort van sater, of zo
Maar gedurende honderden jaren sinterklaasfeest was nergens een zwarte piet te vinden.

Als we het sinterklaasfeest nooit hadden geüpdatet, dan was het nu zelfs niet eens een kinderfeest geweest, maar een zatte bedoening, een braspartij. Dan werden jonge meisjes zo goed als uitgehuwelijkt aan eenieder die hen een Speculazen man cadeau had gedaan. Dat was ooit traditie, maar nu niet meer.  En ben ik daar blij om, want ik lust graag speculaas en ik ben al van 't straat.

Daar stopt het idee van een eeuwenoude traditie, want de gekende Sint met Blackface-entourage dateert van... pakweg 1850? Danku Schenkmanklaas!
Kijk,  ik ben geen historicus en ik ga zeker niet, zoals sommigen rond deze tijd van het jaar, plotsklaps de zwartepietenexpert gaan uithangen.
Mijn historisch besef is behoorlijk troebel en van populistische inslag voorzien, maar ik ga er wel van uit dat onze samenleving én diens culturele tradities er toen behoorlijk anders uit zagen.  Er wordt tegenwoordig toch ook niet zoveel meer levende gans gereden, maar soit

Ik heb weleens gelezen op Wikipedia en zo dat het huidige zwartepietenbeeld zijn wortels kent in de achttiende eeuw en later in de negentiende eeuw gepopulariseerd werd.  Dit schilderij is meer dan honderd jaar ouder dan de eerste beschrijvingen van Zwarte Piet, edoch zijn de gelijkenissen treffend. Het is niet kwaad bedoeld, maar zo zagen blanken hun zwarte medemens vroeger. Als een karikatuur, een wildeman, een gevaarlijk beest, simpel maar braaf mits getemd, maar ook spannend en exotisch.

In pakweg 1850 was het verschil tussen een geboren zwarte een mens zwart van het roet voor  de meerderheid van de bevolking die nog nooit in hun leven "nen neeger" had gezien,  niet bepaald duidelijk.
Sommigen hadden misschien  weleens een zwarte kolonieknecht gezien in een meer begoed huishouden van pakweg een rijke fabrikant, iemand van adel of pakweg een bisschop, zoals Sinterklaas. Die droegen dan witte handschoentjes opdat hun zwarte vel niet zou afgaan op de schoone witte lakens.

Is Zwarte Piet geen slaaf omdat Sinterklaas hem goed behandelt? Wel, er zijn veel mensen die hun paard ook heel goed behandelen, of hun hond of kat, of zelfs hun kippen of hun varken. En ongetwijfeld zullen een pak mensen in pakweg 1850 hun slaven/knechten ook heel goed behandeld hebben, dierenvrienden als ze waren. Maar dat neemt niet weg dat in pakweg 1850 de discussie nog gevoerd werd of zwarte mensen al dan niet een ziel bezaten. Of dat het eigenlijk wel mensen waren?

Het roetverhaal is blijven hangen en als kind heb ik het ook als zoete koek geslikt, maar ik zie nu zelf ook dat het geen roet is, maar een Blackface en dat hoort niet meer thuis in onze cultuur.

Cultuur is geen dode materie, het is iets dat leeft.
Tradities dragen min of meer het DNA van een cultuur en worden van generatie op generatie doorgegeven.
Maar genen muteren en leven evolueert.
Sommige mutaties werken nu eenmaal niet en sterven uit of gaan slapen.

Het stoort mij in deze discussies hoe selectief er met die mutaties wordt omgesprongen. Waarom is de inkleding van een kinderfeest ineens zo ontzettend belangrijk? Is dit nu echt de kern van onze cultuur? Is een kolonialistische karikatuur echt de definitieve veruiterlijking van onze eigenheid? Voor eens en voor altijd vastgelegd, terwijl het voordien al zo vaak veranderd geweest is?
Of gaat het om wie de grootste vragende partij is voor de verandering in kwestie? Is dat waar de kinderschoen wringt?
Dat we er niet tegen kunnen dat "die bruin mannen" ook pakweg mensenrechten willen en zo? Gevoelens hebben? Deel uitmaken van onze maatschappij?

Hoe vaak heb ik al gehoord dat wij blanken in Turkije ook niet mogen gaan zeggen hoe zij het daar organiseren?

Maar we zijn hier niet in Turkije en de vragende partij komt ook niet vanuit  Turkije. De vraag wordt hier en nu gesteld.  Het zijn Belgen (en Nederlanders) die vragen om een nieuwe modernere en minder beledigende invulling van het sinterklaasfeest. Geen Turken, Marokkanen, Congolezen, Nigerianen, Amerikanen of wat dan ook.
Het zijn Belgen die, of je het nu leuk vindt of niet, deel uitmaken van onze maatschappij en bijdragen aan onze cultuur en onze tradities mee helpen vernieuwen.




Laat ons alsjeblief niet verstarren

Nog veel Won Ton uit de Sun Wa

07 mei 2016

"het economische dat boven het menselijke primeert" en andere betekenisloze uitspraken

De dikste shit aan de kunstensector is het schrijnend gebrek aan kunstenaars.
Hiermee bedoelen we niet alleen dat allerhande creatieprocessen al decennialang gehinderd worden door inhoudelijke bliksemafleiders zoals subsidies en het tekort eraan, maar ook dat die subsidies al ze er zijn haast volledig worden opgeslorpt door allerhande niet-creatieprocessen die al decennialang een pervers systeem in stand houden.

Procentueel gesproken zijn er maar redelijk weinig creërende personen ten opzichte van de berg sympathisanten die ook een deel van de koek willen, onder de vorm van hun loonkost, vergader- en prospectiebudget

Sympathisanten zijn de dikste shit
de culturele sector is voor 99 procent gebouwd van een netwerk van sympathisanten
geen kunstenaars.
Sympathisanten

zoals babyboomers en generation X -losers met paarse jassen aan en oranje haar en vaak ook een Theo-bril. Met triviale te pellen eitjes en oppervlakkige meninkjes in domme columns op Apache of zo

of van die generation Y- sneeuwvlokjes die nog nooit in hun leventje ook maar iéts hebben moeten doen die beslissen dat cultuursubsidies moeten aangewend worden om hen van een loon te voorzien om ... belangrijke dingen te doen zoals... kunstenaars hélpen door... te vergaderen!

en truttemieën die afschrijvingstabellen en rekeninguittreksels met elkaar verwarren, maar om een of andere reden continu betaald werk hebben als zakelijk medewerker in de culturele sector
(waar sympathiek zijn belangrijker is dan iets effectief kunnen)

sympathisanten die zowel geen creatief talent als zakelijke skills bezitten,  maar toch arty farty willen zijn én daar voor betaald willen worden ( want stel je voor dat ze eens niet vijf keer per jaar naar hun idyllisch Zweeds huisje zouden kunnen reizen om te kunnen rusten na al dat vergaderen en netwerken)

en als na het uitbetalen van de sympathisanten de subsidiepot leeg is en er voor de artiesten niets meer overblijft, mag er verontwaardigd gedaan worden

en dan zal een stel curators/ programmators/ recensentjes/ netwerkers/... sympathisanten een resem vergaderingen/ netwerkmomenten organiseren waar beslist wordt om over te gaan tot een proper gemanicuurde protestactie in de vorm van een zwempartijtje in Oostende

Als u zichzelf hierin herkent, dan komt dat omdat u niet uniek bent, maar omdat wel honderden mensen die exact dezelfde dingen zeggen als u, naar dezelfde plekken reizen als u, dezelfde aspiraties hebben als u, dezelfde froefroekapsels dragen als u, drinken dezelfde theetjes als u,...
Ik heb u namelijk gefictiviseerd (fictionaliseren- viseren) in mijn ergernis aan wel honderden mensen die exact op u gelijken

Als u zich beledigd voelt, dan bekent u in feite schuld want elke gelijkenis met bestaande personen berust niet op toeval, maar op won ton uit de sun wa

20 maart 2016

Molenbeekse croissants

Ik wou dat ik mezelf ook zo gemakkelijk buiten alle verdenking kon plaatsen door vooral enorm goed te weten wat "de anderen" allemaal fout doen en na mijn gevingerwijs nog eens goed dubbelchecken of iedereen wel gehoord heeft hoe hard ik daar van walg en dan onder het mom van "niet de andere kant opkijken" vooral niet naar binnen te kijken. nooit echt naar binnen kijken. Introspectie is narcistisch of zo... een echte socialist ziet vooral wat andere mensen verkeerd doen.
ik wou dat ik mezelf ook op de borst kon kloppen en op mezelf liggen rukken op de waanzinnige bijdragen die ik mezelf wou kunnen wijsmaken te hebben geleverd aan een mooiere wereld
ik wou dat ik kon geloven dat linnen zakken een impact hebben. echt
ik wou dat ik ook zo vol van mezelf was dat ik kon meedoen in allerhande eco-piswedstrijden
ik wou dat ik ook dacht dat " de maatschappij" een soort van autonome entiteit was, waar ik zelf helemaal niks mee te maken had, alsof ik er geen deel van uitmaak
alsof mijn Facebookprofiel, dit blog, elk kladpapiertje ever ook geen "media" zijn
ik wou dat ik over "de media" in enkelvoud kon spreken
ik wou dat ik zonder enig probleem met Hart boven Hart kon meedoen, zonder te moeten kotsen
ik wou dat ik ze kon geloven, echt.

27 november 2015

Are we the baddies?

In deze gure doch uitzonderlijk warme novembermaand werden wij geplaagd door geïnfecteerde eczeem-opflakkeringen, bestrijd met antibioticakuren gevolgd door bijwerkingen (waaronder een zeer awkward gepositioneerde gistinfectie),  zinloze pseudodiscussies en nog meer ongein
Dit alles trouwens zonder enige inname van nicotine (neen, zelfs niet elektronisch en niet via een verstuiver of muntjes of kauwgom of wat dan ook)

Ja hoor, lieve kinderen, zoals jullie misschien wel weten, zijn wij eind oktober opnieuw gestopt met roken. 
Nu willen wij geen slapende honden wekken, maar op zich gaat dat best goed. Afgezien van de occasionele huilbui her en der maar dat ligt dan toch meer aan  de stoute kunstenaars en debiele culturo dan aan de nieuwe levensstijl.
En wenen is niets slecht. Integendeel: het schijnt enorm goed voor de oogjes te zijn.

Dus laat ons maar even de zever de vrije loop laten en de ganse frustratieboel - laf als wij zijn- het blogosfeer op zwieren. Worden we altijd toch even weer een stukje lichter van en  aangezien er recent nog weer naar mijn blog gevraagd  kunnen we dat plebs ook weer blij maken.

Ziehier:

Aangezien wij - zoals wij al vele malen meldden- niet van het verbaal sterke type zijn 
dit heeft te maken met het feit dat wij meestal eerst proberen na te denken over wat we willen zeggen in plaats van zomaar wat ongenuanceerd reactionair* gezeik uit te roepen of er alleszins zomaar mee in te stemmen 

*wij hebben al geregeld ondervonden dat de gemiddelde zelfverklaarde progressieveling (alles gaande van de nep-liberale Piratenpartij-aficionado over de klassieke salonsocialist tot de botweg debiele Antifa-natiekeling) ,  doorgaans belachelijk behoudsgezind is.

Door deze nadenk-handicap kunnen we nooit snel genoeg reageren in pseudodiscussies om het culturele haantje de voorste te spelen in situaties en plaatsen waar de regel geldt dat wie het snelst, het luidst,  zelfzekerst of alledriest is, per definitie gelijk heeft en bijgevolg de meest levenservaren persoon van het gezelschap is. 

Dit levert ons geregeld frustraties op, vooral omdat de haantjes in kwestie zichzelf aangeleerd hebben om zodanig overtuigd te zijn van het eigen gelijk, dat argumentatie gewoonweg niet nodig is. Het is gewoonweg zo vanzelfsprekend voor het cultuurhaantje dat zijn/haar standpunt waar is, dat eenieder met een andere menig gewoonweg een verzuurde kloot/ een cultuurbarbaar/ een fascist/ ...of 'gewoon raar'** is

**het is niet de eerste keer dat het ons overkomt dat wanneer we vragen waarom iets zus of zo is dat we eerst een verontwaardigd smoelwerk te zien krijgen, vervolgens een aantal vage pseudoargumenten of heldere drogredeneringen op een heel verwijtende toon te horen krijgen, om vervolgens " gij zij gewoon raar/ contrair/ jaloers omda ' ik geen dikke seut zoals gij ben" te horen te krijgen... 

Afijn, 
wij zijn dus niet van het verbale type en doorgaans stellen wij ons niet als confrontator van een cultuurhaantje op, maar deze week zwaar onder invloed zijnde van boeken met tekeningen van lotusbloemen op de kaft, hadden wij  - in een opwelling weliswaar- besloten om  onszelf voor de aardigheid maar eens te overstijgen en dus al eens iets te doen waar wij doorgaans bang van zijn.  In dit geval : confrontatie met een cultuurhaantje***.

 ***Het prachtig type haantje dat u ongetwijfeld wel kent uit diverse gesprekken over linksige thematiek, zoals daar zijn;  
-"basisinkomen is lief"
 -"genetisch manipuleren is niet lief  "
en recent nog 
"datamining is stout"
In het echte leven worden natuurlijk zoveel moeilijke woorden niet gebruikt, maar jullie snappen het idee best wel . 

Waarom wij meestal zwijgend te bang zijn om de confrontator uit te hangen is aangezien dit soort gesprekken steevast volgens hetzelfde stramien verlopen;

De confrontator  stelt iets in vraag wat het haantje zegt. 
Het haantje kijkt verontwaardigd op, begint luider en sneller te spreken en gaat er van uit dat eenieder die niet 100% contra is, per definitie 100% pro  (of omgekeerd) is en past deze veronderstelling toe tijdens het ganse gesprek dat volgt. Het haantje legt zelf niet uit waarom zijn/haar stelling juist is en vraagt zelf ook niet waarom de confrontator het er niet (volledig) mee eens is. Er wordt heel veel verondersteld. Bovendien begint op dit punt het haantje aanzienlijk luider en sneller te spreken ( nog meer)
Het haantje reageert op dingen die de confrontator nooit gezegd heeft, cherry pickt gegevens en probeert de confrontator bang te maken voor wat onderaan de glijdende helling wacht. 
Elke vorm van vraagstelling of tegenwerping wordt geïnterpreteerd als propaganda voor de vijand. Zeiden we al dat het haantje sneller en luider begint te spreken?
Vervolgens verandert het uitgangspunt een aantal keren of wijzigt de context. 
Wanneer de Holocaust-analogie valt,  weet de confrontator dat die de discussie -op intellectueel niveau dan toch- gewonnnen heeft.   Helaas zal dit door derden niet erkend worden.
Er wordt van onderwerp veranderd, soms door de confrontator zelf. Soms door het haantje. Het gaat dan meestal over het weer. Of iets van eten.

En terwijl het haantje en diens zegkippen al lang weer een nieuwe petitie te tekenen gevonden hebben, zitten wij nog steeds over het onderwerp in kwestie na te denken. 
Maar het gesprek heropenen, neen, dat zullen wij niet doen. Want ofwel zijn wij dan weereens de koppige Nezel die niets kan loslaten ofwél begint heel dat stramientje opnieuw.

Maar laten we daar niet over bekakstoveren.
Per slot van rekening hebben wij als kind geleerd dat wij "met zo'n houding" nooit veel vrienden zouden maken
en dus weten wij dat wij naar boeken met lotusbloemen op de kaft getekend niet moeten luisteren
en geen risico's nemen, maar gewoon wijselijk zwijgen en lachen alleen maar IN het vuistje doen
en voorts de samenvatting van de ergernis -aangezien niemand toch voldoende om het onderwerp in kwestie geeft om er de dag na de pseudodiscussie nog steeds over na te denken- te lezen geven op een blog voor het plebs dat dat wel amusant vindt ja. 

nog veel won ton uit de sun wa

27 april 2015

Ik ben een racist, maar...

"Ik ben geen racist, maar..."

En zo spuien we op deze grijze lenteavond alweer een cliché in het linkse spectrum van de sociale media. We kunnen alweer gaan twitteren tot het handjevol mensen dat het sowieso onvoorwaardelijk met ons eens is dat wij het vandaag toch ook alweer onvoorwaardelijk eens zijn met hen. Hiep hoi.
In dit geval gaat de platitudische zelfbestendiging over dat wie een zin aanvat met "ik ben geen racist, maar..." die zin onvermijdelijk afmaakt met racistische drek. En dat dat niet mag. En dat de aanvanger van de zin moet zwijgen. Preaching to the choir again

Het nieuwste vaag op engagement lijkend snoepje komt uit het mandje van de voor mij onbekende vzw Hand in Hand*.
Het keurig in Facebookverpakking en makkelijk naar binnen te happen campagnemateriaal komt in de vorm van een filmpje dat je kan disliken en hoe sneller al jouw vriendjes het filmpje disliken, hoe sneller het filmpje onbekijkbaar wordt voor iedereen. 

Mogen wij even overgeven? 
Is het wel een puik plan om het relaas van een racistische - en duidelijk verwarde en angstige en zich onbegrepen en ongehoord voelende vrouw - zomaar wég te zappen? Alsof het dan plots niet meer bestaat? 
Surtout als je weet dat wie racistisch is, dit ook na deze prutscampagne zal blijven. 
Het enige wat hiermee bereikt wordt, is dat de dislikers van het filmpje kunnen patsen op Facebook met de luttele seconden die zij hebben bekeken. Hiep hoi. We hebben de wereld niet veranderd, maar wij zijn wél goed bezig en het is toch het belangrijkste dat we er zélf goed uitkomen!

Het grappigste is, is dat heel dit filmpjesgedoe zijn eigen boodschap gewoonweg bevéstigt. Ik zie om mijn virtuele zelf heen massa's medesalonsocialisten en ikeacommunisten fier zijn op hoe snel zij het filmpje hebben weggezapt. Op hoe zij toch zo hard géén racist zijn. Alsof racisme ophoudt te bestaan, wanneer je zélf aangeeft geen racist te zijn. En was dat zinnetje niet net het begin van een racistisch relaas?

Wel, hier volgt een nieuwsje: wij - en met deze wij bedoelen wij het godtelijke meervoud- zijn wél een racist.
Wij zijn een racist, MAAR vinden niét dat je mensen kan afrekenen op hun huidskleur of afkomst. Wij zijn een racist, maar vinden eigenlijk niet dat blanken superieur zijn. Of Aziaten. Of wiedanook. Superioriteit is eerder een individueel gegeven, eerder dan collectief, maar dat is voor een andere keer om over te neuten.
Wij zijn een racist, maar eigenlijk vinden we niet dat je mensen in hun rechten mag beperken omdat zij er zo of zo uitzien en omdat zij die of die taal spreken of omdat zij in dit of dat geloven.

Wij zijn een racist, want wanneer wij door een zwarte medemens worden aangesproken, hebben we de oncontroleerbare neiging om Frans of Engels te gaan praten. Dat is racisme.
Wij zijn een racist, want wij hebben net twintig minuten lang zitten twijfelen over met welk woord we het beste op dit blog onze donkere medemens zouden kunnen omschrijven. Zo lang denken wij over onze blanke medemens niet na. Dat is racisme.
Wij zijn een racist,  maar we zijn er niet trots op. Eerder voelen wij ons beschaamd omdat we nog steeds die onwillekeurige reflex hebben om in - voornamelijk in de Stuivenbergbuurt-  de straat snel over te steken als we een groepje Marokkanen zien
Omdat we er - puur op basis van hun huidskleur,  het veelvuldige gebruik van velaire stemloze fricatieven en alveo-palatalen in hun taal en de hoeveelheid zonnebloempithulsels aan hun voeten- vanuit gaan dat zij ons zullen gaan ambeteren. En dat is racisme. En wij vinden dat beschamend, en wij werken eraan, maar het is niet gemakkelijk en het is niet anders..

Gemakkelijk zou zijn om de aandacht van deze korte doch krachtige opstoten van stompzinnige gevoelens af te leiden door oppervlakkig te beginnen dwepen met de uiterlijke kenmerken van een cultuur waar we -eerlijk gezegd- amper iets van begrijpen. Door fake-familiair te doen over onze voormalige ex-overbuurman, genaamd 'Den Abdel' die we eigenlijk helemaal niet zo goed kennen, maar die wel heel luidruchtig grappig kan zijn. Door te ontkennen dat we 'Den Abdel' eigenlijk enorm angstaanjagend vinden, omdat zijn sterk klinkende stem in een taal waar we geen lek van verstaan het soms onmogelijk maakt het onderscheid te maken tussen een gezapige conversatie of slaande ruzie. We zouden kunnen patsen over hoe multicultureel we wel niet zijn, omdat we in Borgerhout zijn gaan wonen en daar geregeld kleine aankopen doen in local shops for local people. We zouden heel nadrukkelijk kunnen vermelden op onze Facebookpagina dat de taginekes in Het Fonteintje en bij El Warda verrukkelijk zijn.

We zouden dat kunnen doen, maar het zou niet eerlijk zijn.
Uiteraard is elk bezoek aan El Warda geniaal en is het fantastisch om in Little Ethiopia te kunnen schranzen met pannenkoeken in plaats van bestek.
Maar lekker gaan eten is niet hetzelfde als een cultuur begrijpen.  En een voorliefde voor folklore maakt een mens nog niet per definitie géén racist.
En met je hoofd begrijpen wat ok is en wat niet, doet je nog niet direct handelen naar wat je snapt.

Het beste waarmee we dit kunnen vergelijken is stoppen met roken.
We zijn intussen al drie keer gestopt met roken en drie keer terug begonnen. Er moet een truc voor bestaan, maar we hebben hem nog niet onder de knie kunnen krijgen.
Wij wéten heel goed dat roken slecht is voor onszelf én voor onze medemens, net zoals wij weten dat onze racistische gedachten zowel ons eigen hoofd als onze medemens verzieken en verzuren.
Wij wéten dat sigaretten helemaal niks goeds voor ons doen, dat we er zelfs niet dronken of high of stoned van worden, dat de verslaving alleen maar zichzelf in stand houdt, als een absurd hamsterwiel.

Wij wéten dat. Maar daarom lukt het nog niet om er mee op te houden. En de racist die ontkent racist te zijn, is er al helemaal niet klaar voor. Wat zal zo'n campagne dan alleen maar doen dat de ontkennende racist meer in de ontkenning duwen? Waardoor er helemaal niets gebeurt
Wij zijn dan misschien wel een beschaamd racist, maar we ontkennen het niet. We werken eraan en we beseffen dat we niet onszelf moeten haten omwille van onze kortzichtige momenten, maar dat we de kortzichtigheid op zich horen te veroordelen, ook al maakt die - nog steeds- deel uit van ons dagelijks handelen.

Is het een puik plan om iemand die vanuit zijn angst, zijn twijfel, zijn onbegrip zich stort in een stompzinnige opvatting kapot te negeren? Uit te lachen? Te lynchen? Te veroordelen? Of zullen we  - genomen wij in onze linkse snoepjesjacht nu eenmaal de morele superioriteit hebben-  dan toch maar de rest van het filmpje uitkijken, eens goed nadenken over waarom iemand zo'n dingen denkt en zegt, misschien eens proberen een constructievere dialoog aan te gaan ipv het louter nog dieper wegduwen van zij die juist het meeste nood hebben aan intellectuele input.
En wanneer we ons focussen op de stompzinnigheid eerder dan de stompzinnige, zullen we misschien racisme de wereld kunnen uithelpen. Maar niet met een andere stompzinnig filmpje van een stompzinnige campagne

Won Ton

* ze doen iets met/ rond/ tegen jobdiscriminatie. Nobel initiatief, maar blank salonsocialisme zal aan zo'n irrationele en complexe materie echt geen fok veranderen. 

09 april 2015

Respect

Soms worden wij weleens toegejuicht omwille van het gebrek aan blad voor onze mond.
Dat is een spreekwoordelijk blad voor de mond en bij wijze van spreken ook;
Wie ons in vleselijke toestand meemaakt, weet dat wij maar een stil vogeltje zijn dat doorgaans mondeling niet veel te vertellen heeft in de grotemensenwereld, maar dat dan grotendeels compenseert in de krochten van het internet aka een blog biatch

Wij worden al weleens op de schouder geklopt omwille van dat gebrek aan virtuele blad voor onze virtuele mond.  Dat wij het nogal eens zouden durven zeggen, dat wij grappig zouden zijn, dat wij scherp zouden zijn . Whatever. er wordt eigenlijk zelden geklaagd over onze rantplantsoen. Er wordt al weleens iets geliked, in deze facebooktijden.
En ook wannneer wij onze grofheden niet louter beperken tot een beetje puberaal gespui op het internet maar ook al eens een podium betreden met wat teksten onzer hands die een mensch al eens 'poëzie' durft te noemen, krijgen wij al weleens een positieve commentaar. Negatieve commentaren hebben wij ook al gekregen, en toegegeven - ook al vinden we die kritieken niet direct al te prettig- voor de stoutmoedige kritiekgevers hebben wij altijd wel het meeste respect gehad.
Zo contrair zijn we wel, met complimenten schieten wij niet veel op, want complimenten zetten nu eenmaal niet aan tot groei.

Maar dus de positieve commentaren zijn doorgaans altijd wel in de meerderheid geweest. niet omdat wij zodanig getalenteerd zijn, dat lijkt ons niet waarschijnlijk. En al zeker niet omdat wij in ieders smaak zouden vallen. Dat lijkt ons onmogelijk. De reden voor de overvloed aan positiviteit lijkt ons dat menschen ofwel doof stom en blind zijn  aka géén referentiekader hebben ofwel zodanig veel schrik hebben om niet tof gevonden te worden dat ze botweg of zichzelf of hun medemens beliegen.

Is dat cynisme? Kan zijn, maar die cynische kijk heeft ons dan toch al wel heel veel complimenten opgebracht. haha
Los van het feit dat wij duidelijk een of ander psychisch probleem zouden hebben waardoor wij dus geen vleierijen verdragen, valt het ons ook wel op dat vele menschen ons vaak toejuichen omwille van onze grote blog/podiumbek tot op het punt dat onze grofheden zich niet louter richten tot de gemeenschappelijke vijand, aka de andere.
Op het ogenblik dat wij grof worden tegen  de mensch die net nog juichtte om onze grofheden, houdt het gejuich ineens op.  haha

Wij hebben dit al voorgehad met een singer-songwriter, een poëet, een andere poëet, eigenlijk met heel veel poëten, met een gothic-masochist, met een andere singer-songwriter, met een Vitalski-volgend vrouwmensch/singer songwriter én met een fervente Jotie t'Hooftfan. haha

Feit is dat wij een lafbek zijn, dat wij onze commentaren rustig uittypen achter een computer met niemand in de buurt om ons af te leiden, op andere gedachten te brengen. Niemand in de buurt om ons zodanig op de zenuwen te werken dat we fysiek agressief kunnen worden en met voldoende tijd en ruimte en koffie in de buurt en wikipedia en spellingscontrole om te spuien wat er echt op onze lever ligt. Dat is laf. Dat weten wij.

En naast lafheid en cynisme valt er ons nog zoveel te verwijten. Dat weten wij en wij vragen ons geregeld af waarom niemand dit dan doet. Waarom de kritiek alleen maar komt van gekwetste personen... Waarom er alleen maar sprake is van een gebrek aan respect wanneer het over iets gaat waar je zelf bij betrokken bent, maar wanneer het over iemand anders gaat is het plots 'scherp' en 'satirisch'
Waarom vragen om verkeersveiligheid alleen maar komen van ouders van overreden kinderen. Aandacht voor CVS alleen maar van patiënten met CVS

En er is geen antwoord. Ons waarom is - zoals gewoonlijk- maar 'raar'
Zoals gewoonlijk dus. Wij stellen rare eisen, wij stellen rare vragen, want wij zijn raar.  Dat zijn wij altijd al geweest
Raar.
Of voor wie ons alsnog te vriend is wij zijn speciaal of contrair
En voor wie ons te vijand is: wij zijn een aandachtshoer

Maar altijd laf en cynisch
en veel won ton uit de sun wa

25 maart 2015

Kotspaleis

Geregeld ervaren wij kortstondige momenten van jaloezie naar artiesten. Dat hebben wij al vaker gerant. Dat zullen wij nog vaker doen. Wij hebben de neiging om in herhaling te vallen, omdat wij nu eenmaal van het ruminerende type zijn. Wij hebben moeite met loslaten en dus zeuren wij herhaaldelijk over een handjevol thema's.
Die momenten van jaloezie op artiesten gaan niet over artistieke jaloezie, wij weten van onszelf dat wij inhoudelijk, artistiek én technisch vaak beter zijn dan die artiesten waar wij jaloers op zijn. En daar gaat het nou net om. De jaloezie in kwestie draait hem om het feit dat die artiesten in kwestie geen enkele zelf-kritsche reflex schijnen te hebben. Wij zijn jaloers op het feit dat die artiesten in kwestie onvoorwaardelijk in zichzelf en hun projecten geloven. Dat zij in staat zijn anderen daarmee te komen vervelen, er geld, tijd en administratieve hulp voor durven vragen. Dat zij het onredelijk vinden dat negenennegentig procent van de bevolking geen zin heeft om die artiest in kwestie met zijn wereldvreemde projecten te financieren met belastinggeld . Hoe weinig ook, elke centime is al teveel.  

Wij zijn jaloers op het vermogen daar verontwaardiging bij te voelen. Wij voelen die namelijk niet. In culturele middens faken we het geregeld, om onze job of geloofwaardigheid niet te verliezen, of gewoonweg om er bij te horen, dat is net zoals zeggen dat je vegetariër bent om kunstzinnig over te komen -  of juist tegenovergesteld zeer nadrukkelijk geen vegetariër zijn, maar dan alleen maar om artisanale charcuterieën afkomstig van authentieke Italiaanse marktjes die niemand anders weet zijn te consumeren. Of orgaanvlees.Of wild. Dat is ook hip. 
Afijn, wij voelen dus geregeld jaloezie en zovoort op dat vermogen om schaamteloos te bedelen bij jan en alleman en oprecht geloven dat de wereld daar beter van zal worden. 
Wij gaan zelf liever werken in de GB. Of in de Think Twice, bij een accountancykantoor of - meer recentelijk- in de culturele sector. Op zijn minst iets saais doen.  Geld verdienen oldskoolstyle.

Dat dit momenten van jaloezie oplevert hoeft niet te verbazen. Maar recentelijk ervoeren wij een kortstondig moment van jaloezie, van "Waarom vragen ze MIJ hier niet voor?" van verveling, van walging en ten slotte van opluchting. Omdat ik er geen deel van uitmaakte... De context van deze gevoelsophoping was een keurig gelobbyd evenement in het Sportpaleis alwaar wij werden getrakteerd op een vijf uur durende opeenvolging van middelmatige tot zeer slechte prestaties van ... poëten. Ook hier was duidelijk de zelf-kritische reflex bij elkeen compleet afwezig. 
Het heerschap Briers mag dan misschien enorm goed zijn in organisatorische prostitutie en lobbywerk, mijn respect verdwijnt steevast als sneeuw voor de zon wanneer een organisator zijn eigen egootje komt laten bestrelen door zelf op te treden. Surtout wanneer het poëtische gehalte zo van de Aldi is dat ze het evengoed Paëzie hadden kunnen noemen.

Lichtpuntjes van de avond waren Laurence Vielle, Dennis Bowé en een hele horde plastic namaaktheelichtjes.

Peter Holvoet Hanssen
Kleedt zich een beetje raar
Is tekstueel mwa mwa
En eigenlijk een godsdienstleraar

Wat mogelijkerwijs verward kan worden met jaloezie van mijnentwege, maar het dus helemaal niet is, is mijn onvermogen te snappen wat al die Knacklezers toch zien in Maud Van Hekjfkjdn something en andere dictieleerkrachtachtige poppemiekes. Ik heb heel aandachtig zitten luisteren, omdat ik nu eenmaal voorstander ben van meer vrouwen in de kunst, maar kon alleen maar bedenken dat het een schoon kind was. en waarschijnlijk ook een heel sympathieke.
Wij vinden het zeer jammer dat er van vrouwen ontzettend veel verwacht wordt, maar talent dus niet. Vrouw zijn is blijkbaar al voldoende.  Een mooie vrouw zijn is een meerwaarde. Goed zijn is niet echt belangrijk. Dat laten we aan de mannen over. Die schrijven dan gedichten over vrouwen die al of niet mooi zijn, maar altijd mysterieus. 

Over clichématige gedichten over vrouwen gesproken, we snappen niet goed wat er met Stijn Vranken gebeurd is, maar vermoedelijk heeft de jongen ten gevolge van het stadsdichterschap een burnout. Toegegeven, hij was al een one trick pony, maar ditmaal droop het bandwerk er zodanig af, dat hij misschien maar beter in een beschutte werkplaats aan de slag kan.  Meneer Vranken is best een fijne kerel, maar zijn sympathie noch zijn gespeelde dedain konden hier ook maar iets matig van brouwen.

Over dedain gesproken; Jan Ducheyne was er ook en Didi de Paris.
En nog veel meer matig tot zeer flauw poëtisch entertainment

Wat ons nog het meest verwondert van het ganse evenement is het hele waarom van de fucking set-up. We snapppen de gimmick. Ha ha . Iets kleins en intiems als poëzie in een commerciële stadionachtige context als het sportpaleis. Ha ha. Gisteren Lionel Richie, vandaag Elvis Peeters. Ha ha. Dat begrijpen we allemaal wel. Maar doe daar dan in godtsnaam iets mee. Speel met de omgeving, verspreid je over de ruimte. Zet het publiek op de plaats waar normaal het podium zou staan en laat de optredens in rondomrond gebeuren. IETS. en neen, niet elke vijf zinnen zeggen dat je in een uitverkocht sportpaleis staat. Dat niet. Dat is niet iets. Dat is flauw en bovendien een dikke leugen. Dat is een marketingtruc. en nog geen goeie ook. 

Een arena met 23 359 zitplaatse afbakenen om plaats te bieden aan 200 man en een paardekop waarvan  één derde op uitnodiging kwam, één derde zijn kaarten heeft gewonnen in de Knack en één derde - op zijn minst betalende - toeschouwers alleen maar kwam opdagen omdat ze familie/ vrienden waren van die jongen die de creatief schrijvenwedstrijd had gewonnen, 

DAT IS GEEN UITVERKOCHT SPORTPALEIS BITCHES
dat is flauwekul.
net zoals de hele programmatie.
Dus stop met er gans de avond flauwe moppen over te tappen. Niemand vond het leuk. Niemand heeft ook maar iéts aan  de hele avond gehad, behalve dan de organisator diens ego werd gestreeld en een handvol artiesten heeft er misschien een kleine vergoeding voor gekregen.

Wij lopen rond met de gedachte dat minstens vijf uur van ons leven voor altijd verdwenen zijn. 
Vijf uur die wij nooit meer zullen terugkrijgen.
Dat is dan ook de reden dat wij niet langer jaloers zijn, dat wij niet wensen deel uit te maken van de incestueuze artistieke entourage, niet alleen omdat we er niet mee geassocieerd willen worden, maar ook omdat we dan verlost zijn van de verplichting dit soort evenement niet alleen met regelmaat te bezoeken, maar ook enthousiast te spreken over de mededichters, de concullega's.
Immers, dat weten wij uit ervaring, wanneer je artiesten publiekelijk (ook dit blog is publiek, al zijn de lezersaantallen gering) met naam en toenaam uitdrukkelijk beledigt, wordt je niet meer gevraagd. Dan ben je niet meer leuk, en het mag geweten zijn dat in de kunst, zij het beeldende, theater, dans, muziek, poëzie of whatever,... het belangrijker is om een toffe gast te zijn, of een mooie lieve vrouw, dan om ook maar een greintje te vertellen te hebben.

Dus het kortstondige moment van jaloezie zaterdagavond maakte plaats voor opluchting, veel slechte witte wijn en als afsluiter:

Nog veel won ton uit de Sun wa

01 februari 2015

Bewust

Wij zijn de laatste tijd nog een duchtig aan het nieuwsgieren geweest in de websferen van Het Netwerk Bewust Verbruiken, en De Consuminderaar en de Ecoclub et cetera.
Gewoon om nog eens bij te sturen waar het een beetje beter kan, want naar ons weten kan het in ons geval zeer veel beter.
Blijkt geen een van die ecoclubs ons deftig advies te kunnen bezorgen dat gebaseerd is op onze levensstijl. Namelijk agorafoob en bijgevolg NIET permanent shoppend/worstenbroodjesverorberend.

Het probleem met het hele duurzaamheidscircus is dat het gebaseerd is op wat niet anders omschreven kan worden als brol. De hele eco-economie bestaat uit spullen die ik sowieso al niet nodig heb en de enige tips die me worden gegeven om minder te consumeren is om allemaal spullen te kopen op hippe webshops.

En niet eens zinvolle spullen. neen. Brol. Ik heb geen enkele gerecycleerde boormachine gevonden. Of een ijskast op zonneenergie. Er bestaat maar één semi-fairtrade GSM Geen fatsoenlijke duurzame sportschoenen.  Want fairtrade of biosneakers bestaan wél, maar ze zijn van zulke kwaliteit dat ze binnen de twee maand kapot zijn, en de gebruiker ervan met scheenbeenvliesontsteking geschopt geraakt. Kwaliteit of duurzaamheid lijkt een overdreven eis in de duurzaamheidseconomie. Goede bedoelingen en imago primeren boven de zinvolheid van de spullen.

Duurzaam consumeren kan een mens alleen maar in de vorm van chocolaatjes, rap kapot gaande t-shirts, sleutelhangers en boodschappentassen. Oh de boodschappentassen. Van gerecycleerde camionflappen, van organisch riet of van biologisch linnen. Miljoenen linnen boodschappentassen. Met tekeningen op van hippe kunstenaars of met hilarische tekeningen op van de dingen die je moet kopen voor mocht je dat vergeten zijn.  Boodschappentassen met boodschappen van algemeen belang en boodschappentassen die urgentie uitstralen, die aantonen dat jij - de drager van de tas- een beter mens bent dan die mens die een plastic zakske gebruikt om zijn boodschappen in te dragen. Boodschappentassen met slogans op. Boodschappentassen met logo's op en met urrels naar websites die meer linnen boodschappentassen verkopen. Boodschappentassen waarin je al je spullen kan stoppen die je koopt ter vervanging van je spullen die niet ecologisch waren en bijgevolg weggegooid moeten worden, zodat je nieuwe spullen kan kopen op allerhande webshops, waardoor die boodschappentassen in feite overbodig worden.

En webshops met duurzame producten.  De mens die overleeft op louter chocolade, koffie en diverse specerijen, kan nu ook puur duurzaam en fairtrade en biologisch zijn levensstijl verderzetten.
En stickers en gerecycleerde posters en notaboekjes van olifantenkak, portemonneetjes waarmee je als eco-liefheber lekker infantiel met je geld om kan gaan ,  de zoveelste geupcyclede fruitschaal
Dingen gemaakt van oude dingen. Iets dat wij ons eigenlijk maar nauwelijks kunnen voorstellen.  Wij kunnen niet bedenken dat wij ooit pakweg een LP niet meer zouden gebruiken en er dan maar een veel te kleine fruitschaal van zouden smelten. Een fruitschaal die wij nooit zouden gebruiken, vermits wij ons fruit in de ijskast bewaren.
Maar toch, het is goed bedoeld en geupcycled dus er is helemaal NIETS op tegen.Er kan gewoonweg niets op tegen zijn. De walmen die gesmolten vinyl uitstralen even opzijgezet, de oude LP herlééft in de vorm van een fruitschaal.Hiep hoi.
Of een boekenkast gemaakt van een oude ladder. Een oude ladder, wanneer heeft een mens, die niet net een tweehonderd jaar oude boerderij geërfd heeft, ooit een oude ladder staan? En waarom zou ik in vredesnaam een perfect functionerende ladder verneuken tot een boekenkast waar helemaal niets in past?
Het concept 'oude' dingen kan soms zodanig in de war brengen. De conceptmens-consuminderaar lijkt eigenlijk alleen maar tips te kunnen uitwisselen die te maken hebben met het aanschaffen van meer spullen. Vervolgens de kringwinkels afschuimen op zoek naar nieuwe oude dingen om te kunnen upcyclen. En dan maar lekker zelfingenomen naar huis bakfietsen met alweer een lading nieuwe overbodige brol.

Nog veel won ton uit de sun wa

20 januari 2015

Toestanden

Wij werden deze ochtend getroffen door wat een niet nader genoemde homeopathische verstrekker van medicijnachtige toestanden zou omschrijven als... griepachtige toestanden. Toestanden, zeggen wij, want ondanks het feit dat het griepseizoen toch weer welig tiert, waardoor het befaamde virus de laatste weken naarstig door de kantoormuren heeft zitten circuleren, vermoeden wij in alle eerlijkheid dat onze spierpijn, koortsigheid en zware hoofd voornamelijk gevolgen zijn van gisteravond, waar wij ons nog eens - for old time's sake-  vertoond hebben op het open podium van de Sprekende Ezels

Toegegeven, het podium blijft ons lokken. Mogelijk omdat wij vaak niet de performances te zien krijgen waar we zin in hebben en dan maar Roger-gewijs besluiten dat wat we zelf doen, we meestal beter doen,  mogelijk een diepliggender reden.. iets Freudiaans met onze ouders of zo

Wat er ook van zij, wij willen dat podium terug op, maar dat is niet vanzelfsprekend genomen het feit dat wij
A. niet grappig zijn en er voor non-comedy tegenwoordig nergens ruimte is
en
B. vast werk hebben dat veel van onze tijd en energie opslorpt waardoor wij de afgelopen jaren zo goed als géén nieuw materiaal hebben geschreven.

Zelfs dit blog, alwaar een mens toch geen serieuze investeringen in doet -per slot van rekening is het maar een blog waar je eender welke crap op kan zwieren zonder nadenken- wordt door ons maar zelden gevuld.
We zijn gewoon te moe en ons leven is te banaal.
Grappig dat dan een ziektedag ons nog eens de gelegenheid biedt om woorden te spuien aan de imaginaire lezer.

Liever dan Disneyfilms zitten kijken en kippenbouillonnetjes met tijm te drinken, mijmeren wij over de dagen dat wij nog melancholische tv-loze avonden vulden met het lezen van boeken en poëzie en het schrijven van gedichtjes en tekeningetjes maken en oprecht geloven dat wij daar goed in waren en het allemaal ergens goed voor was. En dat we naar het theater gingen aan kindertarief en dan pintjes gaan drinken en diepzinnig doen en dan ruzies maken over belangrijke onderwerpen met medediepzinnigen tot een kot in de nacht omdat we ten eerste niet echt moésten opstaan de dag nadien en ten tweede als we hadden moéten opstaan, dan konden we dat nog wel aan.

En dan vragen wij ons weleens af wat er gebeurd is.
En waarom het hebben van voltijds werk niet samengaat met cultuur.
En in principe zou het geen probleem mogen zijn, in de praktijk komen wij na een werkdag thuis met maar twee verlangens: voeding en vegetatie
En dan vragen wij ons weleens af wat er gebeurd is.

Dat dus, en niet dat we dat post-studentikoze leven vaak benijden, maar soms toch wel.
Soms lokt het artistieke bestaan en dan zijn we jaloers op de mensen die zichzelf niet zodanig bekritiseren dat ze verlamd geraken van zelftwijfel, maar er gewoon wél voor gaan
en soms zijn we dus wél jaloers op diegenen die moeten bijklussen in allerhande horecagelegenheden met de passie voor de muze in het achterhoofd.
en soms zouden wij ook wel als een heuse nachtraaf ellenlange gesprekken voeren met andere drinkers en spelers en mensen van onze soort en coke snuiven om muziek te maken en dat helemaal normaal vinden en onze eigen creaties goed genoeg vinden om andere mensen mee lastig vallen en dat helemaal niet lastigvallen noemen, want we zouden zelfs helemaal niet op de term lastigvallen komen, we zouden onze creaties een gift aan het publiek vinden en ons post-studentikoze armoedigheid een opoffering voor de kunst omdat een nine to five nu eenmaal niet samengaat met het creëren van schoonheid en dat in de shit zitten er nu eenmaal bijhoort.

We zouden onszelf dat wel willen wijsmaken.
Meestal niet, maar soms toch wel.

Maar dan roepen de debiteuren en de crediteuren ons weder tot de orde van de dag. Een jaarverslag moet opgemaakt, de kunstenaars willen hun kleine vergoeding nog en onkostennota's moeten terugbetaald. Hier en daar wacht nog een contract op een handtekening en ik sta klaar om andermans artistieke prestaties te factureren

nog veel won ton uit de sun wa

01 januari 2015

Tamandua

Naast het voornemen om in 2015 terug wat vaker te ranten op dit blog, hebben wij nog een resem andere voornemens

wij laten ons al wel eens inspireren door de goeroe van het minimalisme maar daarom léven wij er nog niet naar... onze voornemens zijn immers ik weet nie hoe materialistisch en dus eerlijk

in 2015 zijn wij stellig van plan om een hipster te worden. we weten dat dat paradoxaal is... een echte hipster zal zichzelf nooit als hipster noemen (een van de basic kenmerken van het hipsterdom) maar als wij onszelf hipster noemen, zullen wij ten eerste de controverse rond de term sterk afzwakken en ten tweede is het ook een soort van dubbele bluf. Doordat wij onszelf zeer uitdrukkelijk als hipster zullen benoemen, zullen mensen denken: he die noemt zichzelf een hipster en echte hipsters noemen zichzelf nooit hipster, dus ze is toch geen hipster, waardoor niemand mij als hipster aanschouwt en ik bijgevolg wél een echte hipster zal zijn...

niet alleen zullen wij onszelf hipster noémen -woorden alleen zijn niet voldoende- maar wij zullen onze benoeming ook staven met de aanschaf van allerhande hippigheden. Zo zijn wij stellig van plan om ons een smartphone aan te schaffen, want die hebben wij nog niet, zodoende wij ons digitaal beter kunnen poneren op allerhande webinstanties zoals daar zijn: instagram en nog veel meer (we moeten dit voornemen nog een beetje documenteren)

ons uiterlijk zal natuurlijk ook moeten verhipsteren, willen wij dit voornemen waarmaken, en dus zal een eerder voornemen van langer geleden eindelijk ook uitgevoerd worden namelijk : onze tweede puberteit beleven. Wij denken hier aan tattoeages en piercings, truien en nog veel meer... Moge de bevoegde instanties ons hierbij helpen

en uiteraard starten wij met een heuse vinylcollectie, waarbij we moeten toegeven dat deze trend eigenlijk wel geweldig is... we deden het alleen maar voor de holle trend, maar de klank van vinyl is effectief heel erg goed. Bovendien is een plaat opzetten een rustgevend ritueel dat toch veel meer respect betuigt aan de muziek dan het verloren lopen in de collectie op de NAS of het eindeloos doorzappen op spotify

Voorts willen wij nog heel veel lekkere koffietjes drinken bij Tim en de hippigheid achter de hoek van de nieuwe woonst te Borgerhout uitchecken

Borgerhout zal zeker wel helpen qua hipster worden
en we zullen ook weer dichter wonen bij
de won ton uit de sun wa

31 december 2014

raspberry cheesecake

Aan het einde van dit jaar, waarin wij uiteraard als mens, dier én Godt weer ontzettend gegroeid - lees: teleurgesteld- zijn, hebben wij besloten om tijdens het wachten tot de feestelijkheden deze avond weer aanvangen, de tijd op te vullen met digitaal gespui

spui

De eindejaarsperiode zijn voor ons een uitmuntend moment van melancholie...  aangezien wij niet van het intellectuele type zijn, doen wij dus niet aan reflectie, maar rumineren wij wederom alom en vragen ons hierbij af in welke mate een eenendertigste december verschilt van pakweg een zesde april en wij kunnen alleen maar concluderen dat het enige echte onderscheid erin bestaat dat op eenendertig december Germaan Twee niet jarig is.

Ruminatie as usual en stoofvlees met blauwe chimay, voorafgegaan door een gin basil smash met aperitiefkoekjes en gevolgd door een frambozenkaastaart met oreobodem

2014 nadert zijn einde. een interessant jaar moeten wij toegeven. We hebben het ingezet met een nipte ontsnapping aan de ondraaglijke banaliteit van het bestaan, gevolgd door een maand onbezoldigde werkloosheid, een periode interimuitbuiting om te eindigen in de culturele sector.

Beseffend dat wij een job uitoefenen in een sector waar mijn vele collega-lynxo's en hart boven hardvrienden van dromen. Wij weten dat wij in een knusse positie zitten vol van hummus en rode bietenpret, temidden de incestueuze gezelligheid. Wij weten dat wij bevoorrecht zijn, te kunnen leren van de vele vijftigjarige hobbykoks die daar rondlopen en over alles een -zij het niet met feiten gefundeerde, dan wel met bullshit levenservaring onderbouwde- mening hebben en hoe

Wij weten dat wij ondankbaar en ongelukkig lijken, maar dat is het niet. Wij zijn, zoals we al eerder meldden, allergisch aan congruentie en schreeuwt ons lichaam WIT als iedereen zwart zegt, willen wij thee als iedereen koffie drinkt en verdedigen wij cultuursubsidies tegen rechtse zakken, maar weigeren NVA'ers als onmensen af te schilderen in het bijzijn van onze kunstvriendjes.

Contrair noemen ze dat

wij doen dat niet expres
wij weten niet goed waarom wij dat doen, maar het moét. Elk microobje in ons lijf schreeuwt erom de keerzijde te onderzoeken, advocaat van de duivel te drinken en vooral niet zomaar in te stemmen.

wij zullen dan ook zelden een abonnement van teen of tander aanschaffen. wij zijn achterdochtig wat alles betreft.

en aangezien niet iedereen zo moeilijk doet - perfect begrijpelijk in een wereld die zodanig veel meningen en informatie door elkaar gehusseld aanbiedt, opdringt en doorgaat -  en zich het liefst bij een groep aansluit, vallen bepaalde gedragingen van de mensheid ons nogal op en ergeren wij ons rot.

Niet aan het feit dat mensen instemmen met datgene hun imago er het beste doet uitkomen, neen daar hebben wij begrip voor, dat doen wij trouwens ook geregeld
neen wij ergeren ons aan het feit dat mensen dat niet willen toegeven. geef gewoon toe dat je geen échte discussie voert, dat je je tegenstander bij voorbaat veroordeelt  en niet wil luisteren naar een tegenargument. geef dat gewoon toe dat je een banale meningmens bent, uit gemakzucht, uit angst of uit frustratie. geef het gewoon toe

wij merken op dat wij nogal opgewonden aan het typen zijn en misschien ons niet al te duidelijk uitdrukken in ons emotioneel gespui... en misschien wat vaag overkomen... dat doen wij nogaleens

wat wij willen zeggen met -instemmen met datgene je imago er het beste doet uitkomen-  is dat vele kinderen niet écht een onderbouwde mening hebben. niet écht bereid zijn een fatsoenlijk gesprek aan te gaan, maar alleen maar in slogans kunnen communiceren, slogans die vaak heel erg mooi op de kast zouden staan, maar niet echt leefbaar.
en spreek je hen aan op de onuitvoerbaarheid van hun slogans, word je afgedaan als kinds of dom of rechts
zoals al dat milieugedoe. zoveel mensen die toch o zo veel moeite doen voor het milieu en daar ook prat op gaan. "Ik doe veel voor het milieu, want het is toch zo belangrijk" en dit en dat en veel geslogan
als wij daar op reageren met "ik doe helemaal niet zoveel voor het milieu, niet dat ik het niet belangrijk vind, maar wel omdat ik het heel erg lastig vind"
verontwaardiging alom
wij zijn dus recht en dom
blijkt dat de sloganspuier wél een auto heeft, meermaals per jaar het vliegtuig opkruipt, een huisdier en meerdere kinderen heeft. in een losstaand huis woont en nog meer van die shit
om maar aan te geven dat "moeite doen" een klein beetje heel heel relatief is he gertje
spreek je hen daar op aan, dan krijg je een "ja seg"

alsof hun principes alleen maar van toepassing zijn op wat anderen zouden moeten doen
of dat de grenzen van hun principes alleen maar ophouden bij wat zij als voldoende moeite beschouwen

zoals de principiële vegetariër die preekt over het hoe en wat van de corrupte vleesindustrie en dat het fout fout fout is om vlees te eten
spreek je hen aan op hun gelatinegebaseerde snoepconsumptie en lederen schoenen
wederom "ja seg"
alsof de principes dààr wél ophouden te bestaan

of hoe middenklassers maatschappelijke debatten kapen om te banaliseren en dat niet eens doorhebben, zoals de Tomorrowlanddiscussie afgelopen zomer
tégen de verhoging van inschrijfgelden zijn, maar tegelijkertijd het argument voor gewoonweg versterken, door te doen alsof inderdaad alle studenten alleen maar een studentenjob hebben om hun entertainment te bekostigen
en dan doen alsof dat entertainment een basisbehoefte is

en bijgevolg ook de hele discussie over basisinkomen banaliseren
door de term 'basisbehoefte' te gaan inpalmen met die vettige middenklassepoten

waardoor het niet meer gaat over het sluiten van de kloof tussen arm en rijk, maar over het vervullen van linkse basisbehoeften
zoals boeken kopen die je ook in de bibliotheek kan lezen, maar ze staan zo mooi op de kast, dat is een basisbehoefte
en op reis gaan naar verre landen waar je kan diepzeeduiken en waar de mensen zo vriendelijk zijn, zodat je levenservaring op kan doen en leren dat wie in armoede leeft - lees: wie in de toeristische sector werkt- ik weet nie hoe tof is en je bijgevolg kan dwepen met andere culturen die je nauwelijks kent
dat is dus ook een basisbehoefte
en kleren kopen van dure merken, onder het mom van 'ik koop liever één goede broek dan vijf slechte"  en dit uiteraard vijfmaal per jaar
dat is ook een basisbehoefte
en geregeld naar de sauna gaan om te ontspannen na een lange werkweek,
dat is ook een basisbehoefte
en cultuur uiteraard
cultuur is ook een basisbehoefte

nog veel won ton in 2015!

12 augustus 2014

Eng

"Ik ben blij met mijn dochter haar expeditiedrang. Hoe groter je wereld wordt, hoe minder eng je denkkader."

Het passeert. Terloops. Ideeën die mensen over de wereld hebben. Opvattingen die nooit tegengesproken worden omdat ze nu eenmaal in elk oor goed klinken. Mensen spuien platitudes die nooit worden tegengesproken, zelfs niet bevraagd.

"Het is zo omdat allez ja." en  "Amai, als ge dat niet weet dan valt er met u nie te praten zenne"

Het passeert. Terloops. Ja zelfs de niet-Dag Allemaal-lezer is er niet immuun voor. Ook de linkso en de culturo en de Knacko en de Open Brievo spuit van die... opvattingen. Ontegenspreekbare opvattingen.

En wij aanhoren het van buiten de bubble. Versta ons niet verkeerd, wij hebben niet de arrogantie te denken dat wij niet in een bubble zitten. Het is echter een andere bubble. Een bubble die iets minder zuiver middenklasse is.

Onze bubble bevat ook reclame. En dromen over strandvakanties. En geregeld ook twijfels aan de oneindige goedheid van bouwkampen. En zelfkritiek. En begrip voor mensen met enge denkkaders, omdat wij opgegroeid zijn in een omgeving vol mensen met enge denkkaders.  En wij beseffen dat er voor mensen met enge denkkaders niemand ooit open brieven zal schrijven die mensen met o zo open denkkaders eraan herinnert wat mensen zijn.

Wij begrijpen soms niet goed wat er zo te bejubelen valt aan op vakantie gaan. Waarom is de ene persoon beter dan de andere omdat die nu eenmaal meer geld heeft uit te geven aan een een vliegtuigticket?

Wij hebben het nooit heel  breed gehad, van thuis uit. Spendeerden studentenjobgeld aan studies, boeken, aan huishuur. Nooit aan Werchter of ander 'gewoon amusement' en ook niet aan de o zo levensverrijkende ervaringen als op vakantie gaan naar exotische plaatsen. 

Wij hebben als kind wel heel vaak gekwijld op de collectie Artis Historia van het Meneerken. En ook veel naar documentaires gekeken. Maar wij zijn nog nooit buiten Europa geweest. 
En in de culturige middenklassemiddens waar wij graag toe wensen te behoren, kunnen wij dan heel vaak nergens over meespreken. Wij hebben nooit een sabbatjaar genomen. Wij hebben nooit een hechte band gevormd met een Afrikaanse onbekende. Wij hebben geen vrijwilligerswerk gedaan in Indonesië of druiven geplukt in Australië.  Wij zijn een cultuurbarbaar met een eng denkkader. 

Versta ons niet verkeerd: Wij koesteren niet bijster veel wrok ten aanzien van zestienjarigen die verre reizen maken alsof het koekjes eten betreft. Heus niet. 
En wij hebben heus al wel vakantie genoten in ons leven. Maar zelden ver weg en nooit erg lang en nooit hebben wij getracht onze toeristische motieven te verhullen.  Wij bezochten musea en aten sushi. Wij beklommen de Reichstag en liepen verloren. Wij hebben ons beholpen met slecht Engels en poseerden op foto's met opgestoken duimen.

Maar wij hebben nooit gewaand dat wij daardoor een beter mens waren geworden. Het was een vakantie. Ontspanning. Lol. Toerisme. Weettewel

Wij beseffen dan ook dat wij geluk hebben. Dat wij dat kunnen. Dat wij af en toe een week vrij hebben met voldoende geld op de rekening om een week uit eten te kunnen gaan. Omdat wij beseffen dat niet iedereen die financiële luxe heeft. Sommige mensen doen het met heel wat minder dan wij. Sommige mensen komen dit land niet uit. Oh ja vergeten: die mensen zijn enggeestig. 
Ook niet iedereen heeft het extraverte lef om op vakantie(of thuis) overal aan te bellen op zoek naar gratis dingen.  Dus zijn wij blij dat wij in alle conformistische gebruikelijkheid kunnen betalen voor ons plezier. Zo enggeestig zijn we wel. 

Afijn, wij zijn blij dat wij af en toe op vakantie kunnen gaan.  Mogelijk ooit buiten Europa, dat zullen wij dan wel zien. 
Maar één ding denken wij al te sterk: op vakantie gaan, waar dan ook, maakt geen beter, begripvoller, intelligenter of open mindeder persoon van je. Zelfs duizenden kilometers van huis weg kan je een debiel zijn. En een open geest kan je thuis ook krijgen. Echt. 
Praat maar eens met iemand van buiten je bubble. Die kan je ook in België vinden.
Sterker nog: je zit ze elke dag uit te kakken vanop je Facebookpagina.
Doe dat eens een keer niet en probeer eens met hen te praten. Echt te praten zonder je eigen bubbelbullshit op te dringen. Probeer eens naar hen te luisteren.  Als je dan toch zo overtuigd bent van je eigen superioriteit, dan ben je hopelijk zelfverzekerd genoeg om eens die patriarchale motieven en dat defensieve toontje af te leggen en voor een keer eens te luisteren naar iemand die het allemaal niet begrijpt. Probeer eens te begrijpen waarom iemand niet begrijpt wat jij begrijpt. Probeer het te begrijpen en leg het voor een keer eens niet uit. 

Afijn, wij willen ons niet moeien met de moreel, intellectueel en artistieke superieure meningen van middenklassers. Wij zijn immers onwetend arbeiderstuig. Wij hebben nog veel te leren. En wij zijn immers nooit buiten Europa geweest, dus wat weten wij? 
Tja, als wij niet weten wat jij  weet, dan valt er met ons natuurlijk niet te praten...

Nog veel Won Ton uit de Sun Wa

11 augustus 2014

Afschijt van een piepende longemfyseem

Heden ten momente staan wij op het ogenblik onze laatste sigaret op te steken. Dit is voor ons een moment van bezinning en diep gepeins en angst

Wij zijn immers zowat de verstoktste roker die wij kennen.

Maar we bedenken dat het tijd wordt om het toch maar eens te proberen. Wij hebben altijd gesmeten met puberaal gezwets en clichématige replieken om het antirookfront toch maar op z'n nummer te zetten en wij blijven bij ons standpunt: anti-rokers zijn irritante zwetsers die écht niet weten waarover zij spreken. Alle rationele argumenten om niet te roken zijn volledig waar. Maar dat is niet voldoende. Dat overtuigt niet.

Roken is immers een romantisch verhaal. Irrationeel. Als in een Flairstory over een foute liefde. Het mag niet maar het moet. Stout. Elke reden die men spuit om niet te roken, zet net meer aan om wél te roken. Het is absurd. Maar absurd is léuk.

Want geloof ons: wij geniéten al lang niet meer van onze sigaretten, dat hebben wij wel begrepen intussen. Sigaretten bieden helemaal geen roes, ontspanning, energie of focus. Sigaretten stillen alleen maar tijdelijk de honger naar een sigaret, waardoor die sigaret telkens al algeheel wondermiddel wordt ervaren. Tegen stress, tegen moeheid, tegen verveling, tegen honger, tegen dorst, tegen algehele onvrede tegen boosheid en verdriet. Alle tegenstrijdige symptomen bestreden met eenzelfde remedie. Tegenstrijdig. Een kutverslaving die zichzelf in stand houdt. We wéten het.

Afijn,  blijkbaar helpt het bijhouden van publieke dagboekelijkheden om een engagement ( voor een keer ) serieus te nemen
We gaan het proberen. Los van alle gezondheidsdinges op korte en op lange termijn (wij hebben de conditie van een vierentachtigjarige en we voélen het als we de trap opgaan) en alle financiële voordelen en ditjes en al die zever die je op je sigarettenpakjes kan lezen, willen wij voornamelijk verlost zijn van vunzig starende nachtwinkeluitbaters* en racistische en/of andere foute praat van gazettenwinkeluitbaters** Vrijheid. Schijnt geweldig te zijn.

Ook zullen wij Lopen met Darwin een kans geven, in de hoop dat een interessante klassieker ons meer kan motiveren dan de domme praat van Evy met de nog dommere muziekkeuzes die erbij hoorden.

Niets dan goede voornemens eigenlijk op de naweeën van onze 28ste Geburtstag, die uiteraard symboliseert dat wij niet tot club 27 behoren, genomen wij nog leven en bijgevolg moet dat gevierd worden met niets dan goeie voornemens

Nu maar afwachten tot de eerste zwakke momenten daar zijn!

Wij laten nog van ons horen
Nog veel Won Ton
uit de Sun Wa

*Met serieuze eervolle verkwijting aan de Vriendelijke Dame van de goeie nachtwinkel op de Dageraadplaats, de Vriendelijke Andere Dame van de avondwinkel in de Mercatorstraat en de Geweldige Yolo van Nachtwinkel Laila aan het stationsplein in Gent
**Met bijzondere verkwijting van Heer en Dame Gazettenwinkel Kleine Beerstraat